Pesten

Als mensen macht over iemand willen hebben om zich superieur te kunnen voelen gaan ze de ander intimideren en dat is eigenlijk ‘het pesten’.

De mensen die zich superieur voeden door de ander iets aan te doen hebben vaak een zeer laag zelfbeeld. Om dit te verbloemen gaan ze steeds vaker pesten om zichzelf beter te kunnen laten voelen.

De gepeste persoon is vaak zachtaardig van karakter en laat zich meestal doen. Pesters zijn vaak in een groep actief maar dit is niet altijd nodig.

Eens de gepeste geen weerstand bied of durft te bieden herhaalt zich dit steeds meer en meer.

De pester voelt zichzelf hierdoor nog meer superieur en gaat steeds verder in de aantijgingen, die uiteindelijk van verbaal tot lichamelijke onderdrukking en geweld kunnen lijden.

Hier zijn dus de beide partijen de slachtoffers van elkaar. Niet alleen het slachtoffer maar ook zeker de dader dienen ondersteund te worden om bij zichzelf een en ander uit te klaren over het hoe en wat van deze situatie. Hierdoor kunnen beide aan hun zelfvertrouwen werken en hebben zij niet meer de ander nodig om zich goed of slecht te voelen.

Bekende vormen van pestgedrag zijn:

  • Het slachtoffer doodzwijgen.
  • Over het slachtoffer roddelen of hem publiekelijk voor schut zetten.
  • Het slachtoffer in de les voortdurend afleiden.
  • Vaak komt het ook voor dat het slachtoffer, wanneer hij iets terugzegt of terugslaat, van de leraar straf krijgt. Dit tot groot vermaak van de daders.
  • Fysieke intimidatie, mishandeling, Happy slapping (een willekeurige persoon die door een groepje in elkaar wordt geslagen en wat op filmpje getoond wordt op internet als ‘Cool bezig zijn’).
  • Verbale intimidatie.
  • Afpersing: het slachtoffer moet geld of goederen aan de pester(s) geven of klusjes voor hen doen.
  • Beschadiging, vernieling, diefstal of kwijtmaken van eigendommen van het slachtoffer.
  • 'Grapjes' met het slachtoffer uithalen, zoals een muis in de broodtrommel stoppen of een scheetkussen op de stoel leggen.
  • Voortdurend kritiek op het slachtoffer uitoefenen.
  • Cyberpesten (het via internet pesten van anderen)